Zaandam > Buitenlandse jood van de evacuatie op 19 januari 1942

LINDENBERG-KATZ (ALICE)


Echtpaar Alice Sara Lindenberg-Katz (Berlijn, 7-1-1896)1

 

Alice Sara2 was getrouwd met de niet-joodse Walter Lindenberg (Berlijn, 15-12-1897). Haar naam staat zowel op de basislijst van gezinshoofden ('Aufstellung') als op de aanvullende lijst met voornamelijk gemengd gehuwde joodse vrouwen ('Weitere Aufstellung'). Op de basislijst is achter haar naam geschreven: "Der Gatte ist kein Jude." Het echtpaar woonde op de Prins Hendrikkade 29.

 

Verwarring

Men hield er aanvankelijk geen rekening mee dat gemengd gehuwden een aparte positie hadden. Ook lijkt in het begin onduidelijk te zijn geweest dat Alice Lindenberg de Duitse nationaliteit had, aangezien haar naam op een evacuatiebriefje van 17 januari 1942 staat. Verdere gegevens over Walter Lindenberg ontbreken in het gearchiveerde materiaal. Zijn beroep wordt in het Zaanse adresboek van 1941 omschreven met het algemene 'koopman'. Bij de inventarisatie van de woningen worden de namen A.S. Lindenberg (voor W. Lindenberg) en A.S. Kater (voor A.S. Katz) bijeengezet.

 

Oorlog

Walter Lindenberg leverde op 30 april 1941 een met een typemachine ingevulde verklaring in geen radio te bezitten. Geen ander gemengd gehuwd echtpaar bij wie het gezinshoofd niet-joods was deed dit.

 

Vervolg

Het echtpaar overleefde de oorlog. Het had wel te maken met alle beperkende maatregelen die tegen gemengd gehuwden waren uitgevaardigd.

 

1 Aufstellung nr. 47 (als Lindenberg, geb. Katz; Duits - 2 pers.); Erweiterte Aufstellung nr. 11 (als Lindenberg-Katz; Evacuatierapporten; Verklaring van geen radiobezit

2 De verplichte voornamen Sara en Israel werden in Duitsland op 1 januari 1939 ingevoerd voor iedere jood bij wie de voornaam 'onvoldoende joods klonk'

 


Laatste bewerkingsdatum: 2009-08-25


Zaandam 1940

 

19 januari 1942

Op het 'evacuatie'-briefje van onbezoldigd rijksveldwachter M. staan op 17 januari 1942 acht namen. Zes van hen zijn gemengd gehuwde vrouwen. De enige niet-Nederlandse is Alice Lindenberg-Katz. De fout wordt op tijd ontdekt. Haar naam is nog voor de controleronde doorgestreept en komt niet voor in de rapportage. Toch zal het echtpaar al uitstel hebben gekregen, want in het materiaal van 19 januari ontbreekt haar naam ook. Bij het overzicht van de buitenlandse joden die nog niet zijn 'geëvacueerd' komt haar naam voor in de groep die van SS-leider Willy Lages (ook wel abusievelijk als Loges geschreven) uitstel krijgt. Het echtpaar moet voor 2 februari met hun meubilair vertrekken naar een van de jodenbuurten in Amsterdam - dus niet naar Westerbork. Zij zijn met het echtpaar Loewenstein-Beilicke* het enige buitenlandse huishouden dat op dat moment niet naar Westerbork hoeft. Bij de familie Petersen* is de situatie vergelijkbaar; bij Alexander*, Loewenstein en Marcuse* gaat het om joodse gezinshoofden. Alexander en Marcuse krijgen hun ontsnapping aan Westerbork pas later voor elkaar. Agent H. stelt op 2 februari vast: "Het perceel is verlaten. Een adres is volgens omwonenden niet achtergelaten." Hun naam staat op het overzicht uit midden februari van 'naar Amsterdam geëvacueerde joden', met meubilair.